Tuesday, December 30, 2008

Me gusto

Aan het eind van het vorige blog kondigde ik aan dat ik vis ging eten. Dat deed ik niet. In plaats daarvan ging in naar Susy's restaurant aan het stand om een snelle hap bistec te eten. Dat had ik niet moeten doen.
De volgende dag, terwijl iedereen nog wat bij kon bruin, hangen en leeglopen op het strand in Puerto Angel, hing ik in het hotel op bed, zo dicht mogelijk bij de wc, waar ik me op onregelmatige tijden heen sleepte om op een heel andere manier leeg te lopen. Ik zal verder niet in detail treden. Tegen het eind van de dag ben ik, dank zij een stevige medicijnkuur weer op de been geraakt.

Gisteren zijn we weer naar Tenancingo gegaan. Anders dan aanvankelijk gedacht deden we de reis in een keer. Langs de kustweg naar Acapulcu en vandaar naar het Noorden richting Mexico-city. Tegen zonsopgang vertrokken we om 's avonds tegen 10 uur aan te komen. Daar is veel van te vertellen maar nog meer van te laten zien. Ik ga proberen een paar beelden toe te voegen.










Een ding moet beslist gezegd worden: 16 uur in een auto voor volwassenen is geen sinecure. Maar Elias volbracht de tocht kijkend, slapen, giegelend zonder een onvertogen woord. Anouk zat vrolijk in haar stoeltje te kletsen, te slapen, weer te kletsen. Nu en dan barstte ze uit in vrome liederen of een onduidelijk lied oven een prinsesje, dat soms ergens te zien was of dat ze soms ook zelf was. Toen het uiteindelijk donker werd werd ze enthousiast over de kerstverlichting, die overal nog was blijven hangen: Me gusto

Dat alles is heel goed bevallen.

Andere beelden weer later.

Saturday, December 27, 2008

Vamos a la playa

Dit wordt een avontuurlijk blo. Ik waarscuw maar vast.
Om te beinnen is de a uitgevallen. Die spreken ze ier niet uit en et internetcafe eeft die reel dwinend opelegd aan et toetsenbord. Ook de g eeft uitspraakproblemen en ma dus ook niet altijd mee doen. Verder zit er natuurlijk weer een usb-aansluitin. Beelden moeten dus weer wacten.
Wat maakt etuit.
We ebben vandaa et strand bezoct en zijn beoorlijk verbrand. De zon scijnt ier namelijk volop. De olven zijn zoals je ze van de plaatjes voor kunt stellen: oo en meedoenloos. We ebben dan ook uren in de zee geleen en ons laten masseren, beter ezed een en weer smijten. Fantastisc.
Daar voor ebben we een scildpaddencentrum bezoct, waar zieke scildpadden worden verzord tot ze weer de oceaan op kunnen. Verelijkbaar dus met et zeeondencentrum in Pieterburen. Net als daar ebben ze ier ook vrijwilligers die et routinewerk moeten doen. Deze meisjes geven met evenveel liefde en waarscijnlijk even oneidig traa de zieken water in un basins. Een belangrijk werk, waarmee ze een plaatsje in de dieren all-of-fame verdienen.
et strand zelf is ook zoals je dat op de plaatjes, die ik ier niet kan plaatsen, zou kunnen zien. Kleine eettentjes met overscaduwde zitplaatsen. ier en daar met anmatten. Verkopers die af en aan lopen om kralen, beeldjes, anmatten, efrituurde bananen en nog veel meer aan de man te brengen. Nu en dan koopt iemand wat. Wij ebben dat ook edaan. Als je ons komt opzoeken zul je zien wat.
Aan zo'n buitenewoon decadent strand ebben ze ons eel oed vermaakt.

Buiten is et nu, 18:30 donker. et wordt een beetje koeler. Dikke auto's rijden af en aan, stank verspreidend. Voor de openin van et cafe staan een jongen en een meisje eel dict teen elkaar. Ze kunnen et niet warm enoe ebben.
Ik ga wat eten erens. Vis of zo.

Friday, December 26, 2008

Dikke boom

Dat is nou jammer. Ik was zo van plan om mooie beelden te plaatsen, maar deze krakkemikkige computer is heel traag en heeft bovendien geen usb aansluiting. Dan maar weer een belofte voor later.

We zitten in Oaxaca, Mexico in het dorpje Puerto Angel. Een vakantiedorpje aan de Pacific. Die hadden we altijd al een willen zien en dat is vandaag en morgen nog het geval. Vanbdaag hebben er zelfs op gevaren en in het voorbijgaan een paar walvissen van dichtbij gezien. (meter of 20). Ja, daar bij ook foto's van.

Nog een beeld dat ik niet kan laten zien: dat van de dikste boom ter wereld. De stronk van de dikke boom van Steenbergen in Bennekom is er een dwerg bij. Tenminste dat beweren ze hier (Niet dat van die Steenbergen in Bennekom natuurlijk, maar dat had de lezer al begrepen.)
De Lonely Planet zegt dat het niet klopt, maar die claim op de dikste boom ter wereld, houden ze in Tule, waar die naaldboom staat, ongetwijfeld vast. Alle winkels rondom de boom zijn gericht op bezoekers uit de hele wereld. Daar leeft iedereen in Tule zo'n beetje van. In zekere zin dus een boom des levens, schiet me te binnen.

Het gaat met internetten niet zo soepel als we ons dat hadden voorgesteld. We hebben het eigenlijk te druk met kletsen, rondschuimen, aan het strand zitten, lekker eten, kletsen. Later kunnen we misschie nog genoeg achter een pc zitten.
Het is hier prachtig.
Foto's zijn er wel van, maar niet nu.
We later het er bij.

Saturday, December 20, 2008

Zonder beeld

Nog even zonder beeld, maar dat gaat nog wel komen.
Gisteravond laat - hoe laat is niet meer relevant, zo laat was het - zijn we hier in Tenancingo aangekomen. Niet helemaal een standaard reis omdat met bij de incheckbalie bedacht had dat we op de wachtlijst moesten. Na een paar vijven en zessen en protesten kregen we een prachtige plaats: de nrs 9a en 9b. Onthoud die nummers. Ze hebben enorm veel beenruimte.
Na aankomst de douane, die deze keer de kaas had gevonden- Ook onthouden: Nederlandse kaas mag als er een of ander stempel op staat. Nog net Caminante naar Toluca geaald- Ben haalde ons op. Toen naar bed. Vanochtend had Anouk een verrassing voor ons. Ze stelde mama aan ons voor. Wie had dat gedacht.
Nu hebben we ontbeten aan een kraampje, de cadeaus zjn uitgepakt. Anouk en Rini staan in de kamer te dansen. Anouk verkleed als rinces en Rini als koningin op vakantie.
De zon schijnt. Het is zomer en winter tegelijk.

Thursday, December 18, 2008

Niet te geloven

Waar hebben we dit beeld eerder gezien? Was dat niet een klein half jaar geleden? Was dat niet ook een maand of acht geleden?



Dit is begin van weer een lange vliegreis. Deze keer nog wel in crisistijd.
Waar moet dat heen?
Naar Mexico.
Met twee grote zakken en twee IKEA-koffers en ook nog twee kleinere rugzakken. Alles volgestouwd met dingen, die niet aan de openbaarheid moeten worden prijsgegeven. Hoofdzakelijk vanwege hun alledaagsheid vallen ze op in vliegtuigen en bij de douane.
Omdat niemand wil weten wat er in zit wordt iedereen nieuwsgierig vrezen we.
Met die vrees zullen we de volle 24 uur van de reis moeten leven. Daarna kunnen we ons van deze last bevrijden.
Dan is iedereen weer bij en tevreden hopen we.

Sunday, November 2, 2008

Afrikaanse weg


Nu even iets heel anders.
Ter herinnering aan onze reis naar Ethiopië heeft de gemeente Ede voor onze deur een Afrikaanse weg aangelegd. Tijdelijk weliswaar, maar toch.




Nora heeft van de gelegenheid gebruik gemaakt om haar eerste stappen op zo’n weg te zetten. Het is haar goed bevallen zo te zien.



De foto’s zijn behoorlijk uniek. Zo rustig en modderig zal het misschien nog een week of wat zijn, maar dan is het experiment om een voorbeeld aan Afrika te nemen waarschijnlijk weer voorbij en ligt er weer asfalt.

Jammer, want men houdt hier niet zo van modderwegen. Het is trouwens goed mogelijk dat in Afrika ook de voorkeur uit gaat naar een ander wegdek.




De Afrikaanse weg in Bennekom is ook een originele reactie van de gemeente op een kleine tien jaar duwen en trekken van onze kant om de weg verkeersluw te krijgen.

Dat is dus gelukt.

What’s your name




In het Tanameer ontspringt de Blauwe Nijl. De waterval, waar de rivier mee zou beginnen, moesten we natuurlijk zien. Eerst de beroemde “Portugese Brug” over. Daarna een eindje klimmen, een zijstroompje van de Nijl doorwaden, een eind aan de andere kant langs de beroemde rivier lopen om tenslotte via een pontje de Nijl weer over te steken. De watervallen konden we zo van alle kanten bekijken en beluisteren.

Het liep wat anders.

De Portugese Brug was indrukwekkend, maar bij het eindje klimmen kwamen we Kalanchoe tegen, een jaar of acht en gewiekst verkoopster van sjaals, mogelijk in China geweven, maar niet als zodanig gepresenteerd.



“What’s your name?” eiste ze voor ze de onderhandelingen opende op een toon van: “Wat kom je doen?”. Na de nodige formaliteiten presenteert ze haar sjaals, allen even mooi en slechts 50 Birr per stuk, dat is zo’n twee dagen werken voor een bouwvakker in Addis, misschien een beetje veel. We hadden er nog geen zin in en zeiden “nee” en voegden daar, omdat ze aardig was, “nu nog niet” aan toe. “Wanneer dan wel?” “Ik loop wel met je mee”. “Ik wacht wel hier”. Daar komt ook Shoshona aan. “Ik heet Shoshona en mijn sjaals zijn even prachtig”. “Maar ik heet Kalanchoe en ik was eerst”.
We dachten handig te zijn door te zeggen dat we ze op de terugweg wilden kopen. “Remember me, I am Kalanchoe. Remember me”. “I am Shoshona. Remember me.” “Remember me first, I am Kalanchoe”.
Geleidelijk aan daagt er iets in haar ogen: “Jullie komen niet terug he?” “Maar als jullie terug komen, dan wacht ik op je”


De eerste verkoopsters

Door de regenval van die ochtend staat de rivier te hoog. De gidsen zeggen dat het gemakkelijk kan, maar ze moeten tot hun middel door het water waden. Dat kan niet, zeker niet voor de hele groep farenchi’s. We gaan terug.

Ze wachten nog.
Hoe kunnen we jullie vergeten.



Beelden van de twee zijn er niet. In de drukte van de onderhandelingen was dat niet mogelijk. Wel zijn er de hutten waar ze wonen.

Wednesday, October 22, 2008

Kuifjes in Ethiopië (2)




Rini’s kuifje trok ruimschoots de aandacht en de vrouwen toonden die ook. De hadden bewondering voor de prachtige rechte haren en de fraaie zilveren draden, die niet kunstmatig bleken te zijn. Een paar maal is er overleg geweest of er niet een mogelijkheid zou zijn om te ruilen, maar in praktijk bleek dat niet goed haalbaar te zijn. Daar komt nog bij dat we hier, in Nederland, niet de juiste geur koeienboter hebben om het haar te onderhouden en van de juiste glans te voorzien.



Jammer. We zijn het waard.




Gelukkig hadden we Jordanas, die wel eens ingewikkelde vlechtjes wilde zetten in recht haar. Alleen zou dat weer te lang gaan duren, want de bus rijdt ook, of misschien wel juist, in Ethiopië op tijd. Wachten tot de volgende bus duurt minstens een dag.

Jammer. Volgende keer dan maar.

Niets



De afgelopen paar dagen, in de herfstvakantie van Rini, zijn we naar Doldersum geweest.
Daar was totaal niets te beleven.
Het landschap zoals dat hier te zien is zagen we vanuit het raam van het huisje. Daar veranderde uren lang niets aan dan de schaduwen van de bomen. Nu en dan bewogen de kruin van een boom of de bladeren aan de braamstruik. De eekhoorn zat veel stil bij de broodresten die we neerlegden. Een koolmees bereidde zich ogenschijnlijk al voor op langdurig zitten in zijn nestkastje. Een enkel mens bewoog van tijd tot tijd langs het weggetje op de achtergrond,traag zijn hond uitlatend. De grote zwarte labrador maakte zich met onhandige sprongen druk in het hoge natte gras.
Datis tenminste iets.
Verder was het niets en dat is fantastisch

Tuesday, October 14, 2008







Kuifjes in Ethiopië (1)

Op het vliegveld van Addis ontmoetten we bij aankomst Moti, Shibire, Jalane, die vroeger, maar nu ook nog wel Gifty heette, Roba en Robera.
Ze hadden er allemaal duidelijk schik in en toonden trots hun kuifjes. Ik kon ze gemakkelijk van boven fotograferen en dat komt tenslotte niet zo vaak voor.

Een maal thuis vonden de jongens het wel mooi genoeg en hulden zich als echte Leeuwen van Juda in de oranje resten van verloren voetbalwedstrijden. Gifty daarentegen trok, niet helemaal spontaan, de traditionele kleding van Oromovrouwen aan.

Kuifjes zijn verder ook niet onbekend in Ethiopië. Dit kuifje troffen we aan in het onbekende westen in het dorpje waar Moti’s zus woont. Het jongetje dat zich er mee gekleed had moest nog wat wennen aan de foto.



Kuifjes zijn belangrijk in Ethiopie.

Sunday, October 12, 2008

Het ongerijmde



Verhalen uit het ongerijmde.


Deze zomervakantie zijn we in Ethiopië geweest. De laatste jaren hebben we tijdens onze vakanties wat op het blog gezet. Deze keer niet. Dat heeft meerdere redenen.

Een ervan is dat we heel vaak, soms dagen achterelkaar geen toegang tot internet hadden. Er waren simpelweg geen internetcafe’s: de stroom was uitgevallen of het was zo traag dat we alleen al een uur nodig hadden om de eigen email even in te zien. Dus geen verhalen of foto’s heet van de naald.

Een andere, veel belangrijker reden is dat het land zo overweldigend is dat we niet wisten wat we zouden schrijven. Niets is klaarblijkelijk. Alles is in tweede instantie anders dan in eerste. Voortdurend ligt er iets achter. Verleden en heden lopen liggen dicht tegen elkaar aan. Geschiedenis, zoals die vanuit het westen gezien wordt, is vaak niet meer dan mythe in onze ogen, maar wordt als geschiedenis gezien.
























Rijkdom blijkt armoede, armoede rijkdom.







Om in een land op vakantie te gaan waar op dat moment hongersnood heerst geeft een buitengewoon onbehagelijk gevoel, maar we hebben geen honger gezien of zijn we soms echt stekeblind.
In een werelddeel in de zon zagen we die in Addis vaak dagen lang nauwelijks en waren de basiskleuren bruin en grauw, de temperatuur ’s avond rond de 15 graden en overdag vaak niet boven de 20. Bovendien was de regen niet lauw, maar gewoon koud.

Verhalen uit het ongerijmde gaat niet zo snel.



Bouwen in Ethiopie gaat zo:

Saturday, July 19, 2008

Voorbeeld


Landschap bij Abuna, Ethiopië.

Het duurt niet lang meer voor we door dit soort landschappen zullen lopen.

De voorpret hebben we bijna gehad. De koffers en rugzakken zijn vrijwel ingepakt. Rini haalt nu de treinkaartjes voor de reis naar de nationale luchthaven van België bij Brussel.

Morgen rond deze tijd zitten we in de trein naar Brussel. Overmorgen rond deze tijd lopen we in Addis Abeba.

Om te voorkomen dat de beelden van landschappen, die we al verlaten hebben, op het netvlies blijven verschijnen heb ik nu dit voorbeeld geplaatst. Misschien dat het helpt.
Het zal wel weer even een schok zijn om van de natte kou op 19 m boven de zeespiegel in Bennekom op een vroege maandagochtend in Addis op 2000 m te landen als daar de zon net een paar uur op is en de warmte voelbaar begint te worden.

We zijn er klaar voor, voor zover dat mogelijk is tenminste.


Friday, May 9, 2008

Ondergronds

Het heeft even geduurd voor we de naam van de grotten van Cacahuamilpa goed konden onthouden, laat staan uitspreken. Nu dat gelukt is kan ik melden dat we er in geweest zijn. Grote klamme hallen van kalksteen en de stalactieten en stalacmieten, waar puberaal om gegrinnikt kon worden. We kregen er een bijzondere uitleg bij. De gids vertelde frappant weinig historische en geologische bijzonderheden, maar wist ons wel veel interessante verschijnselen te tonen: de maagd van Guadelupe, Bin Laden en alle dieren die bij de kerststal horen om maar een paar van de meest verrassende te noemen. Toen ze klaar was, aan het eind van de toer, streek ze haar fooien open verdween met stevige pas in de duisternis, op we naar de uitgang voor een nieuwe groep. De oude groep bleef achter op de glibberige paden om zelf de weg naar de uitgang terug te zoeken. Nu werd het verhaal van de omgekomen Engelsman bij wiens kruis we lange tijd stilstonden, ook plausibel. Hij was dood gevonden in de grotten nadat hij twee dagen en drie nachten aan het dwalen was geweest. Het leven is hier spannend en de dood dicht bij.

Op onze voorlopig laatste dag hier hebben we een prachtige wandeling gemaakt naar een schitterend valleitje dat we waren tegengekomen toen we naar Malinalco gingen. Vruchtbaar door de kleiachtige grond en de talloze irrigatiekanaaltjes, vriendelijke mensen, paarden, koeien. Alleen het weer zat niet erg mee: erg drukkend. We verwachten ook nu weer onweer. Terug hebben we een taxi genomen. 14 Pesos, voor twee personen voor ongeveer 12 kilometer, bijna 1 euro. Daar voor moesten we wel accepteren dat op de achterbank 4 mensen zaten en Rini en ik samen op de voorbank. Dat kon ruim vond de chauffeur; Rini moest haar arm buiten de auto laten, ik moest de versnellingspook bijna met mijn knieen bedienen en duwde met mijn hoofd een deuk in het dak. Hoe zou het eruit zien als ook de chauffeur het krap vindt.

Daarna in het centrumvan Tenancingo nog een ijsje gegeten, een bezempje voor Anouk gekocht, de opgedirkte moeders becommentarieerd - het is bijna el dia de las madres - , mijn schoenen laten poetsen en ingredienten gekocht voor de afscheidshutspot. Die smaakte met chorizo in plaats van unoxworst, guacamole, limon en tortilla's fantastisch.

Van het ondergrondse en het bovengrondse zijn foto's, maar die komen een keer als nabeelden.

Zo kan het wel weer. Dat was een dag met de voeten op de grond.
Morgen gaan we terug, de lucht in.

Tuesday, May 6, 2008

De rivier

Afgelopen zondag lieten we ons vanuit Malinaco naar Chalma transporteren voor de prijs van 3 liter water, 10 kilometer.


Bij aankomst op de drukke markt orienteerden we ons op Hotel de la Rivera om in het gewoel de weg terug te kunnen vinden. Daarna konden we niet veel anders doen dan schouder aan schouder, buik aan rug mee te drijven met de stroom bedevaartsgangers, die zich voorzien hadden van kruisen en kransen. Een rivier aan mensen ingedijkt door standjes met regiosa, voedsel, toiletten en parafernalia, die niets met onze Segnor de Chalma te maken hebben.


Ooit is hier in de bergen een godenbeeld op miraculeuze wijze door de Spaanse missionarissen vervangen door een beeld van het Kind. Het beeld is nu in de kerk te zien, waar de bedevaartsgangers hun kruisen een brengen om te laten zegenen. Het hele dorp heeft goed geprofiteerd van deze slimme zet. Het hele jaar door en met name met Pinksteren stromen de vrome kooplustigen toe. Ze maken er een uitje voor de hele familie van en liggen onder dekens en in wrakke tenten in de straten en op de parkeerplaatsen.


We hadden geen keuze en moesten meedrijven tot in de kerk. Daar konden we ons langzaam terug trekken. Elk uur werd er een mis gehouden. Elk uur zal de kerk vol gestaan hebben.


Voor mensen met een protestantse achtergrond was er dreigende taal.












En die waarschuwing aan sectariërs is terecht, want hun hoogmoed ligt altijd dicht aan de oppervlakte. Ook wij konden ons er niet aan onttrekken en besloten ons niet langer met de stroom mee te laten drijven, maar ons te verheffen boven het maaiveld en te paard verder te gaan.

Monday, May 5, 2008

Nabeelden



Daar is de eeuwig besneeuwde van Toluca. Daar staan Benjamin en Rini als bewijs dat op zijn minst zij die top rechtop en evenwichtig op twee benen in de sneeuw staand, bijna bereikt hadden.

















Dat zijn de nabeelden.


Er is ook een voorbeeld, maar dat kan momenteel alleen maar liggend worden afgebeeld en dat doet te kort aan het beeld. Ik bewaar hem voor morgen.

Een ander, de dronken lor bij de kerk in Chalma tijdens de bedevaart komt liggend voorbeeldig tot zijn recht.

Friday, May 2, 2008

Wandelen op de vulkaan

Het was gisteren, donderdag, dat Ben, Rini en ik zijn gaan wandelen op de Nevado de Toluca. Rond de krater is bijna altijd sneeuw te vinden, vandaar de naam en onze tocht. De top van de uitgebluste vulkaan ligt op 4690 meter. Dat is best een spectalulaire hoogte voor laaglanders. De kratermeertjes, El Sol en La luna moesten ook de moeite waard zijn.
De wandeling naar de top gaat langs een lange zigzag weg, die maar langzaam stijgt. Ook auto's kunnen en gebruik van maken, maar wij moesten te voet. Niet moeilijk of vermoeiend. Na een uurtje kreeg ik een licht gevoel in het hoofd, gevolgd door een gevoel een klein beetje aangeschoten te zijn. Ik moest mijn ogen strak op het pad houden anders verloor ik mijn evenwicht. Dat kan natuurlijk wel eens gebeuren. Ook kreeg ik het idee dat ik niet meer helemaal goed gearticuleerd en samenhangend kon praten. Dat komt ook sporadisch wel eens vaker voor en hoeft niet verontrustend te zijn.
De tocht omhoog duurde zo 2 1/2 uur. Ben en Rini liepen rustig pratend, ik meestal zwijgend uit angst mijn gebrek aan samenhang en helderheid te veel te tonen. Ik realiseerde me dat dit geen hoogtevrees was, maar de verschijnselen van hoogteziekte. Zo snel mogelijk doorlopen om de top te pakken voor die mij te pakken zou krijgen.
Dom. Die top was er al lang voordat ik zelfs maar van het bestaan ervan wist. Zo'n wedstrijd is niet te winnen.
Met het einddoel in zicht heb ik moeten opgeven om wankelend terug te gaan. Het hoofd gebogen naar de sneeuw om niet nog meer evenwicht kwijt te raken. Dit alles is ook nog vastgelegd voor het nageslacht op foto en zelfs op film als een eeuwig memento. Het is te veel om die nu al bij te voegen. Een tijdelijk merkteken voelde ik al op de terugweg. De zon reflecteerde zo sterk op mijn somber en nederig gebogen gezicht, dat het rood verbrandde.
Hier past maar een woord: "Donders".

Op de terugweg hebben we nog een goede daad verricht. Van een pickup waren meters lange pakketten betonijzer gevallen op het wegdek. De constructie waarmee die op de auto vast zaten was in zijn geheel los gekomen en op de weg terecht gekomen. Mijn hoogtedronkenschap was al weer een beetje afgezakt. Ben en ik hielpen de roekeloze Mexicaan, terwijl Rini het verkeer regelde en aanwijzingen gaf.
Toch nog een vertrouwd einde aan een bijzondere dag.

Wednesday, April 30, 2008

Tuineren op de vulkaan


Maandag zijn Ben en ik vertrokken in de richting van Puebla om daar in die buurt kassencomplexen te aan bezoeken. Ze hebben daar grote behoefte aan hommels voor de bestuiving van de gewassen en aan allerlei gedierte om ander gedierte als witte vlieg en trips te bestrijden. De verkoop van dat soort artikelen is geen sinecure en er moet eel wat gepraat worden om ze te slijten. Het is een erg interessante streek aan de voet van de Popocatepepl. De boden van de vallei die daar ligt bestaat uit vulkanisch materiaal: as en dikke brokken. De grond is in kleine percelen verdeeld, die op regelmatige afstanden gescheiden worden door wallen van vulkanische brokken. Ze zijn begroeid geraakt met bomen en agave.
Aan het eind van de dag vonden we een hotel, waar men Ben kende van vorige reizen. In het begin van de avond gingen we eten. Ik zelf vertilde me natuurlijk aan een gronderig smakende vis. Daarna terug naar het hotel om wat uit te rusten van een dag kijken en praten.
De eigenaar van het hotel bood ons vreemd genoeg een volkstuintje aan wat we enigszins bevreemd, maar toch nieuwgierig accepteerden. We gingen direct kijken. Het was een wat vreemd gevormd stukje grond dat grensde aan een zijde aan een weg en natuurlijk aan de andere kant begrensd werd door zo´n stenen walletje begroeid met agave. Omdat et nog licht was begonnen we direct te spitten in de rulle grijze grond. Donkergrijs omdat het was regende. Het rook naar zwavel zoals de Enka vroeger deed. Dezelfde geur, die ik nu en dan onderweg rook: vulkaanlucht.
Toen weer terug naar het hotel. Daar viel ik tijdens het kijken naar Survivorman, een extreme makeover van Ray Mears, in slaap en droomde dat de hoteleigenaar zijn aanbod terug trok. Dat was balen, want de helft was inmiddels omgespit.
Toch een buitengewoon leerzame en geslaagde trip

Saturday, April 26, 2008

Vandaag

Of het nu gisteren of vandaag heel vroeg was weet ik niet meer, maar op het vorige blog stonden de koffers klaar voor vertrek. Op het schrale station van Toluca heb ik een nog schralere foto gemaakt van de koffers, klaar om in de bus geladen te worden. Ik plaats de foto hier niet bij, want dat kan iedereen zich ook zo wel voorstellen.

Het is hier prima. We hebben nog wat te lijden van een jetlag, maar dat zal met een nacht goed slapen wel over zijn.
Prachtig weer. Er is tot nu toe een rimpel. Die was in het wegdek. Daar heb ik mijn teen lelijk beschadigd. Eigenlijk moet dat veel positiever geformuleerd worden: er zijn talloos vele rimpels in het wegdek en er is maar een, waar ik mijn teen aan beschadigd heb.

Dat was in elk geval vandaag.

Een volgende keer met foto, want bepaald niet alles is schraal om te zien of gemakkelijk voor te stellen.

Thursday, April 24, 2008

Morgen





Morgen gaan we weer naar Mexico. De meeste dingen zijn al ingepakt. Ze staan al klaar in de gang. Mijn zwarte rugzak staan nog op de slaapkamer. De rode van Rini bevat alles wat van waarde is en onder voortdurende controle moet zijn.

Vandaag is een mooie gelegenheid om het blog weer leven in te blazen.